
Nieuws
Zoeken
Arina
Dział VCA / SCC / BHV
De Nederlandse arbeidsmarkt steunt al jaren op zelfstandigen. Voor sommigen betekent zelfstandig ondernemerschap vrijheid en een hoger inkomen. Voor anderen betekent het chaos, tariefdumping en schijnzelfstandigheid. Nu wil de regering hier orde op zaken stellen. Vanaf 2027 kunnen er enkele van de grootste veranderingen voor zelfstandigen zonder personeel (ZZP'ers) sinds jaren plaatsvinden. En nu rijst de vraag: zullen de nieuwe regels die momenteel worden gemoderniseerd helpen of juist schaden?

Het ZZP-systeem in Nederland werkt momenteel volgens een heel eenvoudig principe. Je verdient zoveel als je voor je vaardigheden en ervaring kunt vragen. Er bestaat geen officieel minimumuurloon voor zelfstandigen.
Tenminste, op dit moment niet. Tot nu toe bepaalde de markt zelf de spelregels. En juist daarom kunnen de loonverschillen tussen mensen die precies hetzelfde werk doen ronduit absurd zijn.
Want de realiteit is dat je in Nederland het volgende kunt tegenkomen:
- de ene zelfstandige die € 20–25 per uur verdient,
- en de andere die voor dezelfde functie € 45–50 per uur krijgt.
Zo ziet de realiteit eruit. En we hebben het hier niet alleen over IT-specialisten of ingenieurs. Dergelijke verschillen bestaan al lang ook in onder andere de bouw, de montage, magazijnen, werkzaamheden aan ramen, steigers of de breed opgevatte technische sector.
Het meest schokkende is dat beide personen vaak vrijwel hetzelfde werk doen. De ene persoon werkt voor € 25 per uur, omdat hij of zij net op de arbeidsmarkt is gekomen en nog niet helemaal weet hoe de werkelijke beloning voor werk in Nederland in elkaar zit. Hij of zij neemt het eerste het beste aanbod aan, omdat hij of zij continu werk en een gevoel van zekerheid wil hebben.
Soms speelt ook een taalbarrière mee, een gebrek aan contacten of gewoon angst voor onderhandelingen. Het komt ook voor dat iemand jarenlang
vrijwel uitsluitend voor één bedrijf werkt en gaat geloven dat „de markt nu eenmaal zo in elkaar zit”. En dan ontmoet hij iemand die precies hetzelfde doet - maar wel een factuur stuurt die twee keer zo hoog is.

Een meer ervaren zelfstandige? Die beschikt over contacten en ervaring die de eerste ontbreken. Bovendien spreekt hij de taal, kan hij met de klant communiceren en weet hij wat zijn werk werkelijk waard is.
En plotseling blijkt dat hij voor dezelfde werkdag een factuur uitschrijft die bijna twee keer zo hoog is. Zo ziet de dagelijkse realiteit van de Nederlandse markt voor zelfstandigen er helaas uit. Dat is onder andere de reden waarom het onderwerp van nieuwe regelgeving voor ZZP'ers zo sterk terugkeert in het Nederlandse publieke debat – want hoewel een groot deel van de zelfstandigen als echte ondernemers functioneerde, werkte tegelijkertijd een enorme groep praktisch als vaste werknemers – alleen op de factuur en vaak tegen tarieven die weinig te maken hadden met het daadwerkelijk runnen van een bedrijf. De Nederlandse regering laat steeds duidelijker zien dat ze dit systeem wil opschonen. Vooral daar waar zelfstandig ondernemerschap steeds meer op een goedkope vervanging van een vaste baan begon te lijken.

Het onderwerp ZZP is al maanden een van de meest besproken onderwerpen op de Nederlandse arbeidsmarkt. De regering maakt steeds duidelijker dat ze de zogenaamde „schijnzelfstandigheid” wil terugdringen. Het gaat hierbij vooral om situaties waarin iemand formeel als ZZP werkt, maar in de praktijk precies hetzelfde doet als een gewone werknemer in loondienst.
In mei 2026 ziet de situatie er als volgt uit:
▶ het wetsvoorstel inzake het vermoeden van een arbeidsverhouding voor laagbetaalde zelfstandigen is aangenomen door de Tweede Kamer,
▶ de Nederlandse regering en minister Thierry Aartsen dringen er sterk op aan dat de nieuwe regels op 1 januari 2027 in werking treden,
▶ de wet moet echter nog de volledige wetgevingsprocedure doorlopen, waaronder goedkeuring door de Eerste Kamer,
▶ in het publieke debat wordt regelmatig een drempel van ongeveer € 38–39 per uur genoemd,
▶ onder dit niveau moet het voor zelfstandigen gemakkelijker worden om
een beroep te doen op het vermoeden van een arbeidsverhouding,
▶ dit betekent dat in geval van een conflict of controle de bewijslast voor
een „reële onderneming” kan worden verlegd naar de opdrachtgever.
Eén ding is echter belangrijk – en hierover bestaat momenteel veel onduidelijkheid op het internet. Op dit moment voert Nederland geen klassiek 'minimumuurloon voor ZZP'ers' in, dat op dezelfde manier zou werken als het minimumloon voor werknemers in loondienst. Het is meer een beschermende drempel en tegelijkertijd een waarschuwing voor bedrijven die jarenlang hun hele bedrijfsmodel hebben gebaseerd op zeer goedkope zelfstandigen.
De regering wil op deze manier orde scheppen op de markt en een duidelijker onderscheid maken tussen:
- echte ondernemers,
- en personen die formeel als zelfstandige zonder personeel (ZZP) zijn geregistreerd, maar in werkelijkheid als vaste werknemers werken.
En dat is waarschijnlijk de reden waarom dit onderwerp zoveel emoties oproept... want voor sommige bedrijven kan dit betekenen dat ze hun manier van samenwerken met zelfstandigen volledig moeten omgooien. Vooral in sectoren waar lage tarieven en het werken voor één enkele klant de norm zijn geworden.

Nog maar een paar jaar geleden was de overstap naar zelfstandig ondernemerschap voor veel mensen een soort carrièrepromotie. Je nam ontslag, startte een eigen bedrijf en verdiende plotseling veel meer geld voor precies hetzelfde werk. In veel sectoren waren de verschillen enorm. Iemand werkte via een uitzendbureau of met een normaal contract voor een tiental euro netto per uur, en even later stelde hij als zelfstandige een factuur uit voor € 40–50 per uur. Geen wonder dat steeds meer mensen interesse kregen in ZZP.
En eerlijk gezegd was dat voor veel mensen een heel goede beslissing.
De Nederlandse markt heeft zich in de loop der jaren sterk opengesteld voor zelfstandigen. Bedrijven maakten graag gebruik van ZZP’ers, omdat dit hen meer flexibiliteit bood. En een van de grootste voordelen van zelfstandig ondernemerschap was juist die vrijheid. Je hoefde niet jarenlang bij één bedrijf te blijven, te wachten op een loonsverhoging of om vrije dagen te vragen. Was een project afgerond? Dan kon je verder. Een beter tarief? Van bedrijf veranderen. Betere voorwaarden? Een volgend project.
Na verloop van tijd begonnen veel mensen echter te merken dat het als zelfstandige niet altijd zo rooskleurig is als in het begin. Want een hoog uurtarief wekt vaak de misleidende indruk dat je veel geld verdient. Op het eerste gezicht klinkt een tiental euro meer per uur geweldig, maar pas na verloop van tijd begin je te beseffen dat je van dat geld vrijwel alles zelf moet betalen. Belastingen, boekhouding, verzekeringen, periodes zonder werk, vakantie, ziekteverlof of de tijd tussen projecten. In loondienst lijken veel zaken vanzelfsprekend.
Als zelfstandige blijkt ineens dat elke dag zonder werk gewoon geld kost.
Daarnaast is er nog iets wat veel mensen vergeten. Niet iedereen is geschikt om als zelfstandige te werken. En dan gaat het niet om vakbekwaamheid, maar om de manier van denken. Er zijn mensen die uitstekend zijn in het werven van klanten, het onderhandelen over tarieven en het voortdurend zoeken naar nieuwe kansen. Maar er zijn ook mensen die de voorkeur geven aan stabiliteit, voorspelbaarheid en gemoedsrust aan het einde van de maand. En dat is ook
heel normaal.
Daarom is het antwoord op de vraag „is het de moeite waard om als zelfstandige zonder personeel aan de slag te gaan?“ tegenwoordig niet meer zo eenvoudig als een paar jaar geleden. Voor sommigen blijft het een uitstekende manier om meer geld te verdienen en onafhankelijkheid te verwerven. Voor anderen kan het echter veel onzekerheid, stress en problemen met zich meebrengen, als de samenwerking steeds meer gaat lijken op een gewone baan op basis van facturen. Eén ding is echter zeker: de tijd waarin zelfstandig ondernemerschap werd gezien als een eenvoudige manier om "meer te verdienen", loopt langzaam ten einde.

Als zelfstandige verdien je alleen geld als je daadwerkelijk werkt. Daarom is financiële liquiditeit voor zelfstandigen een van de belangrijkste zaken. Het gaat niet langer alleen om het bedrag dat iemand per uur op de factuur zet, maar:
- of hij in staat is om de continuïteit van projecten te waarborgen,
- of hij geld opzij heeft gezet voor minder goede maanden,
- of hij kosten kan plannen,
- en of zijn activiteiten daadwerkelijk als een bedrijf functioneren, en niet alleen als een „baan op papier”.
Het is ook goed om te onthouden dat een deel van de risico’s die gepaard gaan met zelfstandig ondernemerschap beperkt kan worden. In Nederland maken veel zelfstandigen onder andere gebruik van aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen (AOV), sparen ze voor hun pensioen, maken ze gebruik van regelingen zoals het Broodfonds of bouwen ze een eigen financiële buffer op voor ziekte of periodes zonder opdrachten. Het probleem is echter dat je alles zelf moet regelen – en dat betekent extra kosten, waar veel mensen in het begin van hun onderneming simpelweg niet aan denken.
Ook het feit dat men vrijwel uitsluitend voor één bedrijf werkt, wordt een steeds groter probleem. Jarenlang was dit in Nederland een zeer populair model. Men had formeel een eigen bedrijf, maar werkte elke dag op dezelfde plek, voor dezelfde klant, vaak meerdere jaren achter elkaar.
Het hele jaar door vrijwel alleen facturen van één bedrijf hebben, kan tegenwoordig een steeds groter risico inhouden – vooral als de samenwerking meer op een normale baan lijkt dan op zelfstandig ondernemerschap. Nationaliteit speelt hierbij geen grote rol. Dit geldt voor elke zelfstandige in Nederland – of hij nu bijvoorbeeld Nederlander, Pool, Litouwer of Duitser is.
In de praktijk wordt onder andere steeds meer aandacht besteed aan: het werken onder de directe leiding van één bedrijf, een vast rooster, het ontbreken van eigen klanten, het ontbreken van reëel ondernemersrisico en een langdurige samenwerking met vrijwel uitsluitend één opdrachtgever.

Zelfstandigen zonder personeel (ZZP’ers) in Nederland bieden nog steeds veel mensen betere verdienmogelijkheden, meer vrijheid en professionele onafhankelijkheid. Tegelijkertijd wordt het steeds duidelijker dat de Nederlandse overheid de markt voor zelfstandigen wil reguleren en situaties wil beperken waarin ZZP’ers in de praktijk functioneren als gewone werknemers op basis van een factuur.
In mei 2026 zijn de nieuwe regels nog niet definitief goedgekeurd, maar de richting van de veranderingen is al heel duidelijk. Er wordt steeds vaker gesproken over een drempel van ongeveer € 38–39 per uur, meer verantwoordelijkheid voor opdrachtgevers en een nauwkeurigere controle of een bepaalde samenwerking daadwerkelijk een ondernemend karakter heeft. Betekent dit het einde van de ZZP in Nederland? Waarschijnlijk niet. Alles wijst er echter op dat de komende jaren van zelfstandigen veel meer zakelijk inzicht zullen vragen dan enkele jaren geleden. We blijven de informatie van de Tweede Kamer, de Eerste Kamer en de Nederlandse regering volgen en houden u op de hoogte van verdere ontwikkelingen met betrekking tot ZZP'ers in Nederland.
Bij Bonapi Training Center volgen we al jaren de veranderingen op de markt. Daarom organiseren we cursussen en trainingen waarmee je kwalificaties kunt behalen die in heel Nederland en België worden gewaardeerd – zowel voor werknemers in loondienst als voor zelfstandigen.
▶ VCA Basic en VCA VOL
▶ Heftrucks
▶ Steigers
▶ IPAF en hoogwerkers
▶ SOG
▶ BHV en tal van andere technische cursussen
Want hoe de regelgeving ook verandert, één ding zal waarschijnlijk niet veranderen: er blijft vraag naar vakmensen met de juiste vaardigheden!
In onze winkel vind je betrouwbare werkkleding, PBM en accessoires die je nodig hebt voor veilig werken. We bieden producten die professionals uit bouw, logistiek en industrie kiezen.